fbpx Back to Top

prenataal onderzoek, wat is dat en welke onderzoeken zijn er

24 november 2010| by: Felice Veenman |801 Views|0 Comments
prenataal onderzoek, wat is dat en welke onderzoeken zijn er

prenataal onderzoek

wat is dat en welke onderzoeken zijn er

Prenataal onderzoek wat is dat ?
Prenataal onderzoek is onderzoek naar het ongeboren kind. Er zijn twee vormen van onderzoek, namelijk prenatale diagnostiek en prenatale screening. Bij de eerste controle zal de verloskundige nagaan of er in uw directe familie erfelijke of aangeboren afwijkingen voorkomen. Aan de hand hiervan wordt er gekeken of er een indicatie bestaat voor prenatale diagnostiek. Daarnaast zal de verloskundige aanbieden meer uitleg te geven over prenatale screening.

Prenatale screening

Prenatale screening is het tijdens de zwangerschap onderzoeken of er een verhoogde kans is op een kindje met het Downsyndroom. De screening bestaat uit een kansbepaling. Dit wil zeggen dat de screeningstesten de individuele kans berekenen dat het kind een aangeboren aandoening zou kunnen hebben. Dat wil dus zeggen dat de testen niet met zekerheid kunnen vaststellen of het kind een aandoening heeft, maar dat zij alleen maar een indruk kunnen geven of het kind een verhoogde kans heeft op het Downsyndroom.

Als uit de test blijkt dat deze kans verhoogd is (groter dan 1 op 250), komt u in aanmerking voor prenatale diagnostiek. De test die het meest betrouwbaar is en ook het vroegst in de zwangerschap uitgevoerd kan worden is de combinatietest. Deze test wordt bij voorkeur uitgevoerd tussen de 9e en 11e week van de zwangerschap en bestaat uit een bloedtest en uit een echoscopische nekplooimeting. Door de combinatie van hormoonbepalingen in het bloed, de leeftijd van de moeder en een gericht echo-onderzoek naar de dikte van de nekplooi van de baby, is een nauwkeurige bepaling van de kans op een baby met het syndroom van Down mogelijk.

Prenatale diagnostiek

Zwangeren meteen verhoogde kans op een kind met een aangeboren of erfelijke aandoening komen in aanmerking voor prenatale diagnostiek. Dit is bijvoorbeeld het geval als er in de directe familie afwijkingen voorkomen, zoals het syndroom van Down of spina bifida (open ruggetje). U krijgt dan de mogelijkheid tot onderzoek aangeboden, echter bent u degene die beslist of er wel of geen gebruik van maakt wordt. Prenatale diagnostiek is, in tegenstelling tot prenatale screening, een onderzoeksvorm waarbij je een definitieve uitslag (diagnose) krijgt. Prenataal onderzoek geeft met zekerheid aan of een bepaalde aandoening bij de baby aanwezig is. De twee meest voorkomende tests zijn de vlokkentest en de vruchtwaterpunctie.

Vlokkentest (chorionbiopsie)

Tijdens de ingreep worden er enkele chorionvlokken (van de placenta) weggenomen. De vruchtzak met de foetus worden hierbij niet beschadigd. De procedure kan plaatsvinden via de vagina (wordt vanaf de 10e zwangerschapsweek uitgevoerd). Dan wel via de buik (vanaf de 12e zwangerschapsweek). De uitslag is meestal binnen 2 weken bekend. Het risico van een miskraam als gevolg van de vlokkentest is 0,5 %. Een voordeel van deze test is de relatief vroege termijn waarop de ingreep wordt uitgevoerd.

Vruchtwaterpunctie (amniocentese)

Bij deze ingreep wordt er via een naald vruchtwater uit de baarmoeder afgenomen. De cellen (afkomstig van het kindje) worden onderzocht op een eventuele chromosoomafwijking. De kans op een miskraam als gevolg van de ingreep is ongeveer 0,3%. Een vruchtwaterpunctie wordt meestal rond de 16e zwangerschapsweek uitgevoerd. De uitslag is meestal bekend na 3 weken. Voor de keuze van wel of niet gebruik maken van prenataal onderzoek zijn er een aantal afwegingen van belang.

 

• Doe de combinatietest niet om een “goede” uitslag te krijgen; de kans op een uitslag met een verhoogd risico bestaat;

• Denk na over de waarschijnlijkheid en mogelijkheid van een negatieve uitkomst;                                                                          • Denk na over wat u wilt en/of kunt met de uitslag van de combinatietest. Kunt u zich bij het gevonden risico neerleggen;

• Met de screeningstesten wordt er alleen een risicoschatting gegeven op een kindje met het Downsyndroom en wordt er dus niet naar andere aandoeningen gekeken;

• Indien u jonger bent dan 36 jaar, worden de kosten voor screeningstesten niet standaard vergoed door de zorgverzekeraars. De kosten bedragen ongeveer €140,- (regio afhankelijk) en moeten dus door uzelf worden betaald;

• Denk na over wat u wilt en/of kunt met een negatieve uitslag van prenatale diagnostiek; de zwangerschap uitdragen of kiezen voor een abortus;

• Denk na over de mogelijke complicaties ten gevolge van de ingreep (miskraam).

Lees ook: 10 tips om je te helpen zwanger te worden

Avatar

Felice Veenman, eigenaar van BabyenKind, leuk dat je me leest !

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *