fbpx

Dader

2 september 2013| door: Felice Veenman |1665 Views|0 Comments
Dader

 Dader !

Ik stootte aan tafel een bak cruesli met melk half om. Omdat we maar met zijn tweeen waren, probeerde ik er met mijn tweeeneenhalfjarige wat verder over te praten: ‘He, wat vervelend! Jeetje. Dat moet niet, ik ga het opruimen met de keukenrol. Getsiederrie, jasses.’ Mijn zoontje volgde het allemaal ademloos, deze bloedinteressante kwestie. Daarna sprak hij, met een heel serieus gezichtje: ‘Geef nie mama. Kannuh beuren. Geef nie.’

Zo vergevingsgezind en berustend. Hij herkent dat wel, hij heeft minstens drie keer per dag dat dingen anders gaan dan bedoeld. Dingen uit het straatje ‘brommerpech’, waarna je je geirriteerd voelt, zo’n machteloze irritatie. (Dat voelt hij nog helemaal niet trouwens, maar een volwassene wel.) En dan niet alleen dingen omkiepen aan tafel. Maar ook geparkeerde fietsen omstoten, een vers knutselwerkje van een broer kapot knijpen, in zijn broek poepen als we naar school moeten sprinten voor de oudsten, bij de gootsteen doen of hij zelf zijn fruittrommeltje omspoelt maar hem intussen als hoosblik gebruiken, op een grote spin stampen terwijl hij te laat mijn ‘nee’ hoort, vrijwel dagelijks op zijn kin landen.

Vanmorgen

Vanmorgen vond hij in de tuin een rubberhandvat, wat bij de step hoort. Duidelijk ‘pot’. Hij haastte zich naar binnen om deze kwestie met een ernstig gezichtje met zijn vader door te nemen: ‘Pot! Papa, makuh, lijmuh!’ En: ‘Vogels Daan! Ja, taute vogels!’ Toen ik hem even later naar de peuterspeelzaal fietste, liepen er twee kraaien over straat en begon hij kwaad te schreeuwen: ‘Taute vogels! Pot makuh. Domme vogels! Mag niet!’ Ik begrijp dat wel. Iets wat kapot is, zonder dat hij dat zelf heeft gedaan, is natuurlijk een vreemde zaak. Iemand moet de schuld hebben. Hij houdt van een aanwijsbare dader. En dan zijn we bovendien een stuk minder mild. Best lekker die duidelijkheid en dat schreeuwen. Het is dat ik nog enig gevoel voor decorum had, anders had ik ook die vogels hun vet gegeven.

Eigenlijk de hele integratieproblematiek in het klein. Als een vreemde, een onbekende, iets doet wat niet moet, of ook maar mogelijk heeft gedaan, dan gaan we hard schreeuwen. Het is fijn om een dader te hebben. Ook voor ongenoegen in het algemeen. Het lucht zo lekker op. Wanneer een familielid of een bekende hetzelfde doet, dan kijken we met veel meer empathie. Dan is een overtreding eigenlijk niet zo erg en hebben we er ook wel een verklaring voor. Ik kan me herinneren dat bij mij in het park om de hoek in Amsterdam een tijd lang alle vissen en eenden uit de vijvers verdwenen. Die werden gevangen en opgevreten door buitenlanders. Die deden dat niet eens zo heel onopvallend. De mensen die zich toen kwaad maakten, hadden er misschien wel om gelachen als hun eigen broer hetzelfde had gedaan. Dan was het vast: ‘Ach, die eend heeft tenminste een goed leven gehad!’ Kannuh beuren. Geef niet.

 lees ook : knutselleed

Avatar

Felice Veenman, eigenaar van BabyenKind, leuk dat je me leest !

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *